Familie Goedhart reisde van Johannesburg naar Kaapstad

Op de vakantiebeurs kwamen we bij Rondreis op Maat terecht. We hadden zelf al een idee wat we wilden zien, en met die gegevens hebben Marjan en Ping een reis samengesteld en alles geboekt. We kwamen in heel verschillende guesthouses terecht; iedere keer was het weer een verrassing: afgelegen of in de stad (wat wel erg makkelijk was als je voor het donker nog in een restaurant wilde eten), een heel eenvoudige slaapkamer tot een compleet vakantiehuis. Ook de auto huurden ze, bij Bidvest, compleet verzekerd, en van een klein parkeerdeukje hoorden we niks meer; goed geregeld, klantvriendelijke maatschappij.

Per vliegtuig naar Johannesburg; vanwege de prijs met Emirates.
Meet and Greet stonden op ons te wachten 😉 en dat was erg plezierig; duidelijke uitleg!
Met de auto naar Pretoria (45 minuten); best even wennen aan linksrijden en schakelaars een de andere kant, zodat elke keer als je richting aan wilt geven de ruitenwissers aangaan.

Na een overnachting vertrokken naar het noorden; dat hadden we zelf geregeld omdat daar familie woont. Doordat we per ongeluk op de tomtom hadden aangegeven dat we de tolwegen wilden mijden reden we dwars door de township Mamelodi. We hadden onze vuurdoop gehad, maar in de auto voelden we ons niet onveilig.

In het gebied boven Louis Trichardt wonen de Venda; je ziet daar geen toeristen, alleen de zwarte bevolking (en onze familie). Dat is wel heel bijzonder. Maar wel makkelijk dat je eerst met familie de eerste stapjes zet: naar de supermarkt, naar de ‘zwarte’ markt in Thohoyando. Wat een belevenis!
Samen begonnen we aan onze trip door het Krugerpark, via gate Punda Maria. We kochten een wildcard (jaarabonnement), want als je 6 of 7 dagen tijdens je verblijf een nationaal park bezoekt heb je dat geld eruit. (Wij waren 4 dagen in Kruger, verder zijn we in de Drakensbergen, in Plettenbergbaai (Robberg) bij Kaapstad, in Simonstown (pinguïns) en bij Knysna (Tsitsikamma) en in WIlderness (Giant Kingfishertrail) geweest.)

Het vervolg van de reis was door RoM geregeld en deden we met z’n tweeën (echtpaar 61/65 jr).
In Kruger heb je een lange, geasfalteerde noord-zuidweg, met heel veel niet-geasfalteerde wegen die kleine of grote omweggetjes maken (van 100 meter tot 25 km). Vooral op die wegen zie je veel wild.
In elk Camp kan je een boek met kaarten kopen (superhandig), eten in het restaurant, tanken, je auto laten wassen, en er is een winkeltje. Na Shingwedzi-, Olifants- en Satararestcamp verlieten we het park door de PaulKruger-gate en reden naar Idle&Wild in Hazyview. Wat een verwennerij: een prachtige ruime rondavel in een schitterende tuin. Veel vogel- en insectengeluiden, hier en daar een aapje.

Wat ons opviel dat autorijden heel relaxt is. De wegen zijn uitstekend en over het algemeen erg rustig. Je moet wel altijd alert zijn op tegemoetkomend verkeer dat soms gedeeltelijk, vooral bij het inhalen, over de lijn op de verkeerde weghelft rijdt. In de buurt van Hazyview zijn veel potholes, dus als die staan aangegeven, i.c.m. een snelheidsbeperking tot 60km, moet je ook echt rustig gaan rijden en erg goed opletten.

B@B Dusk to Dawn bij Piet Retief was alleen een tussenstop om een lange afstand te overbruggen. Maar we kregen wel een mooie bungalow op een boerderij. Je kan er eigenlijk alleen een leuk rondwandelingetje maken (de honden lopen spontaan mee …).

De Ardmore Guest Farm ligt erg afgelegen, bijna aan het eind van een dal dat doodloopt tegen de Drakensbergen aan.. Alleen handig als je echt de Drakensbergen wilt zien. Je kunt er een paar prachtige wandelingen maken aan het eind van de weg. Wat heel bijzonder is: hier zetelt het Drakensberg Boys Choir in een koorschool met een concertzaal voor 1000 man. Elke woensdagmiddag om 16 uur vindt hier een bijna uitverkocht concert plaats van klassieke en traditionele muziek. Een must als je hier bent, en als het mogelijk is: van te voren bespreken! Als je geluk hebt zijn er nog een paar plaatsjes vrij.

We reden naar Durban over de prachtige moderne snelweg (net zo goed als in Nederland). Daar tankten we op de airport en leverden de auto in. Omdat het regende kwam de Bidvestman naar ons toe en bracht ons naar de vertrekhal en nam de auto toen weer mee terug naar de Bidvest parkeerplaats. Niks geen gedoe met papieren en zo.
We vlogen naar Port Elizabeth en haalden daar onze volgende auto op.

Aan de snelweg lag in Stormsrivier de Tsitsikamma Lodge. Een heel aantal kleine huisjes in een mooie tuin. We waren er laat en hebben er niet veel van meegekregen. We hebben er wel kunnen genieten van een heerlijk uitgebreid dinerbuffet!! Wel van Tsitsikamma National Park met de bekende hangbrug en de hoge verkeersbrug even verderop.

En dan Plettenbergbaai. In de Piesang Valley Lodge hadden we wel langer willen blijven: zowel de lodge (tuin, zwembad, uitzicht) als de omgeving waren geweldig. De stad is een fijne welvarende stad. De wandeling over Robberg zullen we niet gauw vergeten. Een van de hoogtepunten van onze reis.

Zo’n 35 km verder belandden we in Knysna. Bamboo Guesthouse was zeer bijzonder, gelegen in een tropische tuin. Je moet er van houden, veel mensen vinden dit erg leuk. Wij waren minder gecharmeerd van het krakkemikkige interieur. Hier liepen we even door het kleine toeristische winkelcentrum Waterfront, bezochten ’s zondags een kerkdienst in de Nederlands Gereformeerde kerk (waar we alles goed konden volgen en meezingen) en wandelden bij The Heads (zeker de moeite waard!) en reden naar Buffalo Bay.

Oudtshoorn was de volgende bestemming. Onderweg daarnaar toe wandelden we in Wilderness langs de Touw de Giant Kingfisherroute naar een hoge waterrijke waterval. We verbleven 3 nachten in Avondblij Guesthouse, dat in het centrum van de stad ligt, zodat winkels en restaurants naast de deur zijn (en we toch heel rustig konden slapen). Natuurlijk hebben we de toeristische struisvogelfarm bezocht en struisvogel gereden. Maar we wilden ook de echte farms met honderden vogels zien. Toevallig ontdekten we een weggetje waarlangs enkele farms liggen: rijd na de farm en sla linksaf naar Schoemanshoek, richting de witte kerk; ga daar linksaf over de onverharde weg en je bent ineens weer echt in Afrika met rechts de eenvoudige huisjes, links de struisvogels. Over deze weg rijd je meteen weer terug naar Oudtshoorn. Als je na de farm nog verder doorrijdt kan je rechtsafslaan naar de waterval Rust en Vrede.
De druipsteengrotten (Cango Caves) zijn de moeite waard; van te voren afspreken is belangrijk. Na het bezoek reden we (ons grootste waagstuk) over de Swartbergpass. Gravel, diepe afgronden, schitterende uitzichten, indrukwekkende rotsformaties, maar erg spannend om te rijden (genoeg filmpjes op youtube om een indruk te krijgen). Via Meiringpoort weer terug naar Oudtshoorn – kost wel een hele middag.

In Hermanus overnachtten we in Walker Bay Minor en gingen we per boot op walvisjacht. Dat was wel even snel ontbijten (worstjes, tomaat, ei, yoghurt, brood) om om half negen bij de catamaran te zijn. Ja, we hebben ruggen en vinnen van walvissen gezien en … een heleboel zeezieken! Gelukkig ging zeeziekte aan ons voorbij – dankzij de worstjes 😉 ?

Vervolgens naar Stellenbosch langs prachtige wegen: over passen, langs meren en wijngaarden. Bij Knorhoek wijn geproefd en overnacht en in de stad gegeten (met de über-taxi goed en goedkoop) en de volgende morgen wezen winkelen, o.a. bij Oom Samie se Winkel. En voor het eerst wat regen, waardoor de wandeling door Knorhoeks wijngaarden geskipt moest worden.
Kaapstad was het einde van onze reis. Gelukkig hadden we de hele reis een tomtom, en zeker in Kaapstad is die onmisbaar. Brede wegen met veel rijbanen waar je dan weer links, en dan weer rechts moest voorsorteren. Handig als je dat op tijd weet.
We hebben hier een paar dagen doorgebracht en veel hoogtepunten gezien:
*De Tafelberg (meteen doen als het onbewolkt is, want de volgende dag kan er weer een ‘tafelkleed’ over de berg liggen. *Kaap de Goede Hoop: zoveel mogelijk aan de oostkant naar het zuiden rijden (via Scarborough) – de mooiste route, klein stukje tolweg – en aan de westkant weer terug via Simonstown voor de pinguïns. *Het winkelcentrum aan het Waterfront (o.a. Victoria&Alfred mall): overdekt, veel winkels en restaurants en altijd wat te beleven aan bijv. muziek. *Signalhill voor het uitzicht op Kaapstad. *Met een gids naar de townships: indrukwekkend, brengt wel nuancering aan in wat we meenden te weten over de townships, armoede en rijkdom (BMW’s voor de krotten bijv.); heel veel kerken, we woonden ook een gospeldienst bij. *Robbeneiland: boottocht (een glimp van dolfijnen en walvissen opgevangen): boottocht en met bus en gids rondgeleid.

We hebben genoten van een goed verzorgde reis. Veiligheid en rijden in Zuid-Afrika vielen ons heel erg mee. Maar dat komt ook omdat we ons aan de regels hielden: niet wandelen na zonsondergang en op eenzame plaatsen. In alle parken en bij de grote winkelcentra kan je veilig parkeren en wandelen. Zeker de Nationale Parken zijn echt heel veilig en schoon en goed verzorgd. Bij de entree van zo’n park moet je ook aardig wat invullen wat betreft persoonlijke gegevens en dat kost nogal wat tijd. Nog iets anders: dankzij de gunstige wisselkoers was het eten niet duur: we bestelden meestal een hoofdgerecht en een wijntje en waren dan bijna altijd omgerekend 11 euro p.p. kwijt. De winkelprijzen liggen op hetzelfde niveau als in Nederland.

Kortom … nou ja, toch weer een langer verhaal geworden dan ik dacht … een schitterende reis! Mede dankzij RoM, het voorafgaande regelmatige overleg met hen, de ontvangst bij aankomst, de map met vouchers (bij elke lodge je voucher afgeven en het is geregeld).

Bedankt!
Familie Goedhart